Werk veilig.
Houd plezier.
Kijk vooruit.

Explosie en werken in besloten ruimten

Een besloten ruimte is een moeilijk te betreden werkplek, ook voor hulpverleners, en is slecht te ventileren. Het is er krap, vaak donker en er zijn weinig vluchtmogelijkheden. Vaak is er onvoldoende zuurstof of er zijn gevaarlijke stoffen aanwezig die bij werkzaamheden zijn vrijgekomen.

Voorbeelden van besloten ruimten zijn;

  • Kelders;
  • Installatieruimten;
  • Kruipruimten onder vloeren;
  • Ketels en opslagreservoirs;
  • Rioolstelsels;
  • Putten en sleuven;
  • Pijpleidingen.

Wat zijn de risico’s van werken in besloten ruimten en welke maatregelen kun je nemen om veilig in besloten ruimten te werken?

Vooral de slechte toegankelijkheid voor hulpverlening en de slechte ventilatie maken het werken in besloten ruimten gevaarlijk. Gevaren die kunnen optreden bij het werk zijn:

  • Gevaar voor verstikking.
  • Gevaar voor brand- en explosie.
  • Gevaar voor bedwelming of vergiftiging.
  • Gevaar voor elektrocutie.
  • Gevaar voor beknelling.
  • Gevaar voor verwonding door vallen, vallende voorwerpen of bewegende machinedelen.

Omstandigheden waardoor de gevaren kunnen toenemen, zijn bijvoorbeeld:

  • Vuile en gladde trappen die de kans op vallen en gewond raken, verhogen.
  • Niet opgeruimde gereedschappen en materialen die de kans op struikelen verhogen.
  • Een hoge temperatuur waardoor gevaarlijke stoffen sneller verdampen en zo de kans op brand of explosie toeneemt.
  • Het ontbreken van goede verlichting.

Om veilig in een besloten ruimte te kunnen werken, moeten werkgevers zowel in de voorbereidingsfase als tijdens het werk een aantal maatregelen nemen.

Voorbereidingsfase

  • Allereerst moet de werkgever proberen gevaarlijke werkzaamheden zoveel mogelijk te voorkomen of beperken. Bijvoorbeeld door fittingen en koppelingen of boutverbindingen te gebruiken waardoor laswerkzaamheden worden voorkomen.
  • Er moeten afspraken worden gemaakt over de bedrijfshulpverlening en de werkgever moet zorgen dat een aantal werknemers een instructie daarvoor krijgt.
  • In sommige gevallen (als de opdrachtgever daarom vraagt) moeten afspraken over het werken in besloten ruimten (zoals planning werkzaamheden, noodzakelijke vergunningen en overzicht mogelijke gevaren) worden vastgelegd in een veiligwerkvergunning.
  • De werkgever moet een visuele inspectie (laten) uitvoeren om vast te stellen of een besloten ruimte veilig is om in te werken. Daarnaast moet hij een meting (laten) uitvoeren om de concentraties zuurstof, giftige stoffen en brandbare of explosieve gassen in de ruimte te bepalen (als hij dat niet zelf kan doen, kan hij bijvoorbeeld zijn arbodienst daarvoor vragen).
  • De tijd die werknemers in een besloten ruimte doorbrengen en het aantal werknemers moet zo beperkt mogelijk zijn. Bij langdurige werkzaamheden moeten werknemers elkaar kunnen afwisselen.

Tijdens het werk

  • De werkgever moet ervoor zorgen dat er BHV-ers zijn als er werkzaamheden in besloten ruimten plaatsvinden. Daarnaast moet er een noodprocedure zijn om direct hulp te kunnen bieden.
  • Er moet een toezichthouder/veiligheidswacht worden aangesteld, die erop toeziet dat alle noodzakelijke maatregelen in acht worden genomen tijdens de werkzaamheden. De veiligheidswacht moet in geval van nood hulp kunnen verlenen en ervoor zorgen dat de toegang tot de besloten ruimte open blijft.
  • In besloten ruimten mogen alleen explosievrije elektrische apparatuur en verlichting worden gebruikt. Alle apparatuur moet van veilige spanning zijn voorzien (50 V wisselspanning of maximaal 120 gelijkspanning). Accugereedschap is natuurlijk ook veilig.
  • In besloten ruimten moet noodverlichting zijn. Als dat niet mogelijk is, moet de werkgever individuele explosie- en vonkvrije noodverlichting ter beschikking stellen aan zijn werknemers (vonkvrij geldt alleen als er brandbare gassen en dampen in de ruimten aanwezig kunnen zijn).
  • Persoonlijke beschermingsmiddelen ter beschikking stellen:
    • Een harnasgordel (verplicht om te dragen.) Aan de gordel moet een voldoende lange reddingslijn zitten (naar de veiligheidswacht buiten) die bestand is tegen de aanwezige stoffen.
    • Ademhalingsbescherming als er gevaar is voor verstikking, bedwelming of vergiftiging (welke bescherming nodig is, is afhankelijk van het resultaat van de eerder genoemde meting.)
      Vanwege mogelijk zuurstoftekort mogen filtermaskers niet worden gebruikt in een besloten ruimte!
    • Beschermende kleding.
    • Handschoenen.
    • Veiligheidsschoenen of -laarzen.
    • Veiligheidshelm.
    • Oogbescherming.
    • Gehoorbescherming.

Bij explosiegevaar moeten kleding en schoenen antistatisch zijn. De overall van de werknemer in de besloten ruimte moet een lichte, opvallende kleur hebben, zodat hij goed zichtbaar is voor degene die buiten toezicht houdt.

Ook werknemers moeten een aantal maatregelen nemen om veilig in een besloten ruimte te kunnen werken.

Voorbereidingsfase

  • Pas in een besloten ruimte werken nadat is vastgesteld dat de ruimte veilig is (bijvoorbeeld vrij van gassen en dampen; leidingschachten voorzien van "doorvalbeveiligingen" ter hoogte van de vloeren).
  • Voordat het werk begint alle leidingen afsluiten die op de besloten ruimte uitkomen.
  • Zorgen voor een vrije toegang naar de werkplek. Toegangswegen en omgeving moeten worden vrijgehouden van materialen, gereedschappen en materieel.
  • Ervoor zorgen dat de besloten ruimte vóór en tijdens de werkzaamheden wordt geventileerd.
  • De tijd die zij in een besloten ruimte moeten doorbrengen, voorkomen of beperken.
  • Apparatuur en machines, zoals elektrische motoren, dieselmotoren en compressoren zo ver mogelijk van de besloten ruimte plaatsen.
  • Zorgen dat zij weten welke afspraken de werkgever heeft gemaakt over de hulpverlening.

Tijdens het werk

  • Zorgen dat zij weten wie de werkgever heeft aangesteld als toezichthouder/veiligheidswacht.
  • Tijdens de werkzaamheden afzettingen en markeringen bij de besloten ruimte plaatsen en het waarschuwingsbord 'Gevaar, niet betreden, besloten ruimte' bij de toegang tot de ruimte zetten.
  • Alleen explosievrije elektrische apparatuur en verlichting gebruiken.
  • Zorgen voor voldoende luchttoevoer en brandbare materialen/bouwdelen (zoals isolatie van de vloer) beschermen.
  • Persoonlijke beschermingsmiddelen dragen:
    • Harnasgordel, het dragen hiervan is verplicht (ervoor zorgen dat er een hand aan de lijn wordt houden).
    • Ademhalingsbescherming (geen filtermaskers) als er gevaar is voor verstikking, bedwelming of vergiftiging.
    • Beschermende kleding.
    • Handschoenen.
    • Veiligheidsschoenen of -laarzen.
    • Veiligheidshelm.
    • Oogbescherming.
    • Gehoorbescherming.

Voor een aantal specifieke werkzaamheden in besloten ruimten (lassen en snijden, reinigingswerkzaamheden en voorbehandelen/aanbrengen van verf) zijn aparte maatregelen opgenomen in het Arbouw-advies Werken in besloten ruimten. Hierin vind je ook een controlelijst voor het werken in besloten ruimten.

Meer informatie over veilig werken in riolen is te vinden in het document 'Voorschrift veilig werken bij rioleringsbeheer' afkomstig uit de arbocatalogus Afvalbranche.

contact