Werk veilig.
Houd plezier.
Kijk vooruit.

Wat verwacht torenkraanmachinist Sjack Rover van Volandis?

04 december 2017 |

Wat verwacht torenkraanmachinist Sjack Rover van Volandis?

De 56-jarige Sjack werkt al zijn hele leven in de bouw. De laatste 10 jaar als torenkraanmachinist, daarvoor in het betontimmerwerk. Hij is ruim 30 jaar in dienst bij TBI - sinds 2008 bij de Materieel Dienst  Bergambacht – en is als actief FNV-man bestuurslid van de Sectorraad Bouw. Hij maakt de oprichting van Volandis van dichtbij mee: “Als bestuurslid van de raad kan ik daar ook wat mee over klankborden.”

Persoonlijke ervaring met omscholing

Werken aan Duurzame Inzetbaarheid is bekend terrein voor Sjack: “Ik ben destijds als een van de eersten het loopbaantraject ingegaan. Werken als betontimmerman ging niet meer. Hoewel ik met allerlei klachten in de ziektewet zat, had ik dat zelf niet in de gaten. De bedrijfsarts vertelde me dat ik zo niet door kon gaan.” Voor Jack aanleiding om zich om te scholen tot kraanmachinist: ”Ik heb alles gedaan en geleerd wat ervoor nodig was. Twee hijsbewijzen en mijn vakdiploma’s gehaald. Laatst heb ik weer een traject gedaan. Ik check om de vijf jaar wat mijn niveau is. De laatste keer zat ik op MBO-5.”

Integratie: een goede zaak

Wat vindt hij van de oprichting van Volandis? “Ik vind het een goed idee. Nadat ik een aantal presentaties heb gezien sta ik er volledig achter. Het integreren van veilig en gezond werken en persoonlijke ontwikkeling is een goede zaak. Er komt voor iedere bouwvakker eens per 4 jaar een DIA, een Duurzame Inzetbaarheidsanalyse. Daarin wordt de PAGO gecombineerd met een doorkijkje naar je toekomst: hoe staat het met je gezondheid én hoe sta je er psychisch voor. Heb je nog plezier in je werk? Hoe denk je er voor te staan als je 50 bent? Kun je dit werk dan nog doen?”

Op tijd stilstaan bij je toekomst

In het verleden ging menige bouwvakker pas nadenken over zijn arbeidstoekomst bij reorganisaties, lichamelijke klachten of een verslechterende gezondheid. Volandis wil werkgevers en werknemers al eerder op dit spoor zetten en helpen hun eigen verantwoordelijkheid te nemen. Sjack juicht dit toe: “We kunnen de DIA aangrijpen om een moment stil te staan bij de bouwvakker. Blijf je passief op de bank zitten of ga je nadenken over je toekomst? Over 10 jaar is er misschien geen werk meer voor je. Ik heb pasgeleden een studiedag gevolgd over innovaties in de bouw. Dat gaat razendsnel. Het huis van de toekomst komt uit de fabriek.  Bouwen zoals ik dat nu nog doe, dat zie je straks niet meer. De traditionele metselaar doet straks nog reparaties of speciaal metselwerk, maar het seriematige metselen verdwijnt.  Stratenmakers staan tegenwoordig op een aanhangwagen stenen te stapelen. Complete vierkante meters  worden met zuignappen opgepakt en in de straat gelegd. Ik ken stratenmakers die dit niet meer willen. Die zeggen: ‘zo ben ik geen stratenmaker meer’. Wat wil je dan wél? En welke kwaliteiten en scholing heb je daarvoor nodig? Daar moet je op tijd over nadenken.”

Aandacht voor het fondsenbeheer

Sjack Rover heeft alle vertrouwen in de organisatie van Volandis. Wel uit hij zijn zorgen over de beschikbare fondsen: “Stel: iemand besluit de sector te verlaten en wil leraar worden. Of de ICT in. Die gaat bijvoorbeeld een dag per week naar school. Dan moet je de loonkosten overbruggen plus de opleiding financieren. Wie gaat dat betalen? Er is wel een klein potje voor duurzame inzetbaarheid, maar dat is niet toereikend. Bovendien is dat geld niet geoormerkt. Werknemers kunnen er vrij over beschikken en besteden het niet of nauwelijks aan scholing. Mijn idee: een collectieve pot waarin werknemers, werkgevers én de overheid een duit in het zakje doen. De overheid wil immers dat ik tot mijn 67e werk. Als ik naar mezelf kijk: kan ik op mijn 65e nog 70 meter omhoog klimmen en drie dingen tegelijk doen: zwenken, uitkatten, zakken? Alert zijn op die bouwvakker die ervoor staat? Kan ik die druk dan nog aan? Ik denk het niet.”

contact